Arbeidsmarkt•21 oktober 2026•7 min leestijd

Waarom een openstaande vacature in de winter dubbel telt

Waarom een openstaande vacature in de winter dubbel telt

Afgelopen winter gingen in Nederland bijna 6 van elke 100 werkdagen verloren aan ziekte. Het CBS mat in het eerste kwartaal van 2026 een verzuim van 5,8%. Dat patroon komt elk jaar terug: zodra de herfst begint, lopen de ziekmeldingen op.

Voor de meeste teams is dat vervelend, maar te overbruggen. Voor een team met een openstaande vacature ligt dat anders, want daar komt de winterpiek bovenop een plek die al leeg was.

In deze blog zetten we de cijfers op een rij. We kijken hoe hoog het verzuim is, waar het het hardst toeslaat en wat uitval een werkgever kost. Daarna bekijken we hoe krap de markt nog is, en wat dat samen betekent als je nu een vacature open hebt staan.

Ziekteverzuim heeft een vast ritme: laag in de zomer, hoog in de winter. Het CBS vergelijkt een kwartaal daarom altijd met hetzelfde kwartaal een jaar eerder, en niet met het kwartaal ervoor. De opbouw begint in de herfst. In het vierde kwartaal van 2025 lag het verzuim op 5,6%, al boven het jaargemiddelde van 5,4%. In het eerste kwartaal van 2026 volgde 5,8%, net als een jaar eerder.

De oorzaak is weinig verrassend. Griep, verkoudheid en andere virusinfecties worden het vaakst genoemd, door 54,8% van de werknemers die verzuimden. De griepepidemie liep afgelopen seizoen volgens Nivel van week 5 tot week 11 van 2026, ruwweg van eind januari tot half maart. Wie in de herfst werft, werkt dus precies naar die periode toe.

De winterpiek is niet alleen een seizoensverhaal. Het verzuim ligt ook structureel hoger dan tien jaar geleden. In het eerste kwartaal van 2016 lag het op 4,3%, tegen 5,8% nu. Het langjarig gemiddelde sinds 1996 is 5,0%. De hoogste stand van de afgelopen dertig jaar was 6,3%, in het eerste kwartaal van 2022, toen corona nog rondging. Over heel 2025 steeg het verzuim naar 5,4%. Dat was de eerste stijging na twee jaar daling.

Het verzuim is niet overal even hoog. De gezondheids- en welzijnszorg zat in het eerste kwartaal van 2026 op 8,2%, het hoogst van alle sectoren. Binnen de zorg was het verzuim het hoogst in de verpleging, verzorging en thuiszorg (9,9%), gevolgd door de gehandicaptenzorg (9,2%) en de kinderopvang (8,6%). Ook buiten de zorg is het fors: water en afval zat op 7,4%, openbaar bestuur op 6,8% en de industrie op 6,7%. Vervoer en opslag kwam uit op 6,6% en het onderwijs op 6,3%. Het laagst lag het in de landbouw (3,6%), de horeca en de specialistische zakelijke dienstverlening (beide 3,7%).

Ook de bedrijfsgrootte maakt verschil. Bij bedrijven met minder dan 10 werknemers lag het verzuim op 2,8%. Bij 10 tot 100 werknemers was dat 5,0%, en bij 100 of meer werknemers 6,8%. Kleine bedrijven verzuimen dus minder, maar daar weegt elke uitval wel zwaarder: in een team van vijf is één zieke collega meteen 20% van de bezetting.

In Nederland draait de werkgever voor een groot deel op voor ziekte. Een zieke werknemer krijgt twee jaar lang (104 weken) minimaal 70% van zijn loon doorbetaald, en in het eerste jaar minimaal het minimumloon. Veel cao's schrijven in het eerste jaar zelfs 100% voor. Daar verandert voorlopig niets aan. Het kabinet heeft scenario's voor een kortere termijn naar de Tweede Kamer gestuurd, maar daar is nog geen wetsvoorstel uit voortgekomen.

Bovenop de loondoorbetaling komen de kosten van vervanging, verzuimbegeleiding en verloren productiviteit. En een deel van het werk blijft gewoon liggen, of komt bij de collega's terecht.

Tegelijk is de arbeidsmarkt nog steeds krap. Eind juni 2026 stonden er 375.000 vacatures open, op 396.000 werklozen. Dat zijn 95 vacatures op elke 100 werklozen, tegen 91 drie maanden eerder. De krapte nam weer toe, omdat de werkloosheid sneller daalde dan het aantal vacatures. Per sector verschilt dat sterk. In de bouw stonden 73 vacatures open per 1.000 banen, in het onderwijs 18. Het landelijk gemiddelde was 42.

Een vacature die nu openstaat, is dus niet vanzelf snel gevuld. En zolang dat niet gebeurt, moet iemand anders het werk doen.

Werkgevers vangen wintergaten vaak op met flexibele krachten, maar die schil wordt dunner. In het tweede kwartaal van 2026 telde het CBS voor de zesde keer op rij minder zzp'ers. Het zijn er nog bijna 1,5 miljoen, 131.000 minder dan eind 2024. Ook de uitzendbranche kromp. In hetzelfde kwartaal verdwenen daar 13.000 banen, het grootste verlies van alle sectoren. Flexwerk verdwijnt daarmee niet, maar de buffer voor de winter is wel kleiner dan een paar jaar geleden.

Een openstaande vacature verdwijnt niet uit het rooster. Het werk wordt verdeeld over de collega's die er wel zijn. In de winter vallen daar ook nog eens meer van uit. Dat raakt teams op een plek waar ze al gevoelig zijn. In de NEA 2025 zegt 39,9% van de werkenden vaak of altijd heel veel werk te moeten doen. TNO telt 1,7 miljoen werknemers met burn-outklachten, een op de vijf.

Werkdruk is ook de grootste oorzaak van verzuim door psychosociale arbeidsbelasting. In 2023 ging het om 10,3 van de 14,3 miljoen verzuimdagen. Dat verzuim door te hoge werkdruk kostte werkgevers volgens TNO 3,5 miljard euro.

Griep is meestal na een week voorbij. Een team dat maandenlang een lege plek opvangt, raakt sneller structureel overbelast. In de winter komen die twee samen: kort verzuim door virussen, bovenop werkdruk die al opliep.

Neem een team van tien fte met één openstaande plek. De negen collega's die er zijn, verzuimen in de winter gemiddeld 5,8%, samen ruim een halve fte. Het team draait dan op zo'n 8,5 fte voor het werk van tien, ongeveer 15% minder capaciteit. In de verpleging, verzorging en thuiszorg, met 9,9% verzuim, is de uitval bijna 0,9 fte. Dan blijft er ruim 8 fte over voor het werk van tien, bijna 19% minder.

Dat zijn gemiddelden. In de praktijk komt uitval in golven, en één griepweek kan een team veel harder raken. Daarom telt elke week dat een vacature in de winter openstaat dubbel.

De herfst is het moment om vooruit te kijken. Prioriteer met de winter in gedachten: niet elke vacature is even urgent. Kijk welke openstaande rol hoort bij een team dat in het eerste kwartaal het meest onder druk staat, bijvoorbeeld door een hoog verzuim in je sector of een klein team, en begin daar.

Reken terug vanaf februari. Een kandidaat die nu ja zegt, begint vaak pas na een maand of langer, en daarna volgt nog het inwerken. Wil je in de griepweken iemand hebben die al meedraait, dan moet je nu werven.

Overweeg een tussenoplossing voor rollen die niet kunnen wachten. Interim of detavast kan de winter overbruggen; bij detavast start iemand via een bureau, met de intentie om later bij jou in dienst te komen.

Ontlast het team dat het gat nu al vult. Maak zichtbaar wie welk extra werk draagt. Schuif minder urgente projecten door naar het voorjaar, zodat de winterpiek niet bovenop een al te vol rooster komt.

Vergroot je bereik. Een vacature die al weken openstaat, heeft meestal andere kanalen nodig, niet meer van hetzelfde. Gespecialiseerde bureaus hebben vaak kandidaten in beeld die niet actief zoeken.

Bij 4in24 zetten we elke vacature tegelijk uit bij vier gespecialiseerde recruitmentbureaus, die we per vacature selecteren. Dat loopt via één intake en één portaal, dus alle kandidaten komen binnen via één kanaal. Zo vergroot je je bereik, zonder dat je team extra werk krijgt van het schakelen tussen bureaus. Je betaalt pas als er iemand is aangenomen.

Wil je een vacature uitzetten voordat de winter begint? Kijk op 4in24.nl.